Waarom de stand in de Eredivisie na zes speelronden nog weinig zegt

0

Na zes speelronden gaat PSV aan kop, met AZ Alkmaar op de hielen en Feyenoord op de derde plek. Onderaan bungelt ADO Den Haag met welgeteld één punt. Voor wie de ranglijst voor het eerst sinds de zomer weer bekijkt, is de verleiding groot om er meteen conclusies aan te verbinden: PSV lijkt weer op weg naar de titel, ADO op weg naar degradatie. Toch is dat na zes wedstrijden nog een risicovolle exercitie.

Een kleine steekproef
Een Eredivisieseizoen telt 34 speelronden. Zes duels zijn dus nog geen twintig procent van het seizoen, en dat is simpelweg te weinig om harde conclusies te trekken. Eén blessuregolf, één goede transferperiode die zijn vruchten begint af te werpen, of gewoon een reeks wedstrijden waarin de bal net de goede kant op viel, kan een tussenstand flink vertekenen. Dat wil niet zeggen dat de huidige stand niets zegt, maar wel dat de waarde ervan beperkt is zolang clubs nog niet allemaal tegen dezelfde tegenstanders hebben gespeeld.

Niet elk programma is gelijk
Een van de belangrijkste redenen waarom de tussenstand vertekend kan zijn, is het verschil in gespeelde tegenstanders. De ene club heeft in de eerste weken al de nodige subtoppers en kanshebbers getroffen, terwijl een andere ploeg vooral tegen concurrenten uit de onderste regionen uitkwam. Een club die knap wint van directe titelconcurrenten oogt sterker dan een ploeg die evenveel punten pakt tegen clubs uit het rechterrijtje, ook al staan ze op dit moment naast elkaar in de tabel.

Ook het aantal gespeelde wedstrijden loopt niet bij iedereen gelijk. Ajax bijvoorbeeld had na de zesde speelronde nog maar vijf duels afgewerkt, terwijl de meeste concurrenten er al zes achter de rug hadden. Zo’n wedstrijd in het krijt kan de tussenstand op dat moment vertekenen, en dat gebeurt vaker in de eerste weken van het seizoen dan later.

Resultaten versus onderliggende cijfers
Punten vertellen niet het hele verhaal. Het doelsaldo geeft al iets meer richting, maar ook onderliggende statistieken zoals verwachte doelpunten (expected goals) en het aantal gecreëerde kansen laten zien of een resultaat op kwaliteit is gebaseerd, of vooral op efficiëntie. Een ploeg die uit weinig kansen veel doelpunten maakt, kan het dit seizoen simpelweg treffen. Andersom kan een club die duidelijk de betere kansen creëert, maar ze nog niet afmaakt, op termijn juist een stijging in de tabel laten zien zodra de efficiëntie verbetert.

Voor de volledige, actuele cijfers is de actuele stand in de Eredivisie een goed vertrekpunt, al vertelt die tabel op zichzelf nog niet het hele verhaal achter de resultaten.

Blessures, nieuwe spelers en trainerswissels
Bij elke club spelen ook factoren mee die niet direct in de tabel zichtbaar zijn. Blessures aan sleutelspelers kunnen een team weken ontregelen, en het duurt vaak enkele weken voordat nieuwe aanwinsten volledig zijn ingepast in een elftal. Ook een trainerswissel, of een gewijzigde speelwijze onder een zittende trainer, heeft tijd nodig om zich in resultaten te vertalen. Vroeg in het seizoen kunnen dit soort veranderingen zowel in positieve als negatieve zin nog flink doorwerken in de stand, zonder dat ze iets zeggen over de structurele kwaliteit van een selectie.

Thuisvoordeel en het verschil tussen uit en thuis
Het verschil tussen thuis- en uitwedstrijden weegt in de eerste speelronden zwaarder mee dan later in het seizoen, simpelweg omdat elke club nog niet evenveel duels in beide categorieën heeft gespeeld. Een ploeg die toevallig veel thuiswedstrijden achter de rug heeft, kan er gunstiger uitzien dan een team dat voornamelijk op verplaatsing moest. Pas wanneer elke club ongeveer evenveel keer thuis als uit heeft gespeeld, wordt dat effect kleiner en de vergelijking eerlijker.

Europese verplichtingen als extra factor
Dit seizoen komen zes Nederlandse clubs ook in Europees verband uit: PSV, Feyenoord, N.E.C., AZ, FC Twente en Ajax. Voor die ploegen betekent dat een drukker programma, met minder rust tussen wedstrijden door en soms een bredere selectie die nodig is om alle duels te kunnen bemannen. Wie een wedstrijd vooraf probeert in te schatten, kijkt daarom niet alleen naar de positie op de ranglijst. Recente prestaties, het programma, blessures en het verschil tussen thuis- en uitwedstrijden geven vaak een vollediger beeld. Dergelijke informatie wordt ook bekeken door volwassen supporters die geïnteresseerd zijn in voetbalweddenschappen bij VBET.

Voorspellingen die snel achterhaald raken
Wie zich aan het begin van een seizoen al waagt aan voorspellingen over de eredivisiekampioen, loopt het risico dat die inschatting binnen enkele weken alweer achterhaald is. Een transfer op de valreep, een langdurige blessure of een tegenvallende serie kan het beeld compleet veranderen. Dat maakt vroege voorspellingen niet waardeloos, maar wel iets om met een korrel zout te nemen.

Wanneer wordt de stand wél betrouwbaarder?
Doorgaans wordt de tabel pas na een derde tot de helft van het seizoen, ergens tussen speelronde twaalf en zeventien, een stuk betekenisvoller. Tegen die tijd heeft elke club ongeveer evenveel thuis- als uitwedstrijden gespeeld, is de selectiebreedte beter te beoordelen en beginnen onderliggende cijfers en resultaten meer met elkaar te matchen. Tot die tijd blijft de Eredivisiestand vooral een momentopname: interessant om te volgen, maar nog geen betrouwbare voorspelling van hoe het seizoen zich verder gaat ontwikkelen.

Share.

Laat een reactie achter