Valencia heeft de jacht op de derde plaats in Spanje heropend door de eerste kraker in de finale topmaand te winnen van Sevilla. Het werd 3-1, waarbij Valencia vooral profiteerde van de arbitrage door middel van twee strafschoppen en een rode kaart.
Sevilla begon sterk aan de wedstrijd en kwam zelfs in een vroeg stadium op voorsprong. Eerst dwong Kanouté Albiol tot een redding op de lijn, maar in de negende minuut zette Escudé de gasten op voorsprong. De oud-Ajacied kopte een hoekschop in het doel. Er volgde een boeiende wedstrijd waarbij beide ploegen kansen kregen. Kanouté en Renato verzuimden om Sevilla op een ruimere voorsprong te zetten.
Vlak voor rust kwam de ommekeer in de wedstrijd. Adriano liep tegen een rode kaart op na een domme overtreding op Villa. En kort daarna veroorzaakte Escudé een strafschop die door David Villa werd benut. Na rust was Valencia met een man meer de bovenliggende partij. Maar het duurde lang voordat de thuisploeg op voorsprong kwam. Villa schoot tegen de paal en doelman Palop ontpopte zich tegen zijn oude club tot een extra hindernis. Een domme handsbal van Fernando Navarro zorgde voor de beslissing. Mata benutte de strafschop waarmee Valencia de leiding nam. In de blessuretijd bouwde Pablo Hernandez die voorsprong uit tot 3-1 met een snelle counter. De wedstrijd werd ontsierd door 15 gele kaarten en een rode.
Eerder op de avond speelde Villarreal doelpuntloos gelijk bij Valladolid. Voor de gele formatie was het een tegenvaller, want het speelde in het laatste half uur met een man meer voor een rode kaart van Iñaki Bea. Daarbij miste Giuseppe Rossi een strafschop.