Sinds de Champions League voor clubs die geen landskampioen werden in het seizoen ervoor is het maar een keer voorgekomen dat de finale een duel werd tussen twee echte kampioenen. Dat was het geval bij Juventus – Real Madrid (1998).
Een landstitel biedt eigenlijk geen enkele garantie voor een goed seizoen in het volgende seizoen. Dit lijkt een oude voetbalwijsheid, maar weinig volgers beseffen het. In 1999, 2000, 2005 en 2007 waren zelfs beide finalisten geen kampioen geweest. De finale van morgen is geen uitzondering op die regel.
En toch is United – Barça is een bijzonder duel, omdat beide clubs tenminste in het huidige seizoen landskampioen zijn geworden. Deze situatie doet zich ook zelden voor en dat is in de nieuwe Champions League (vanaf 1999-2000) nog nooit voorgekomen. De laatste keer dat er sprake was een finale van twee net gekroonde kampioenen was Manchester United – Bayern in 1999. Daarvoor was er slechts een paar keer sprake van en meestal werd dat een duel tussen de kampioenen van twee toplanden. Barcelona – AC Milan in 1994 is een sprekend voorbeeld, maar ook Liverpool – Borussia Mönchengladbach in Rome-1977.
Het is niet helemaal ten onrechte om te spreken over de wedstrijd van het jaar. Opvallend is ook dat in de finale van morgen de titelverdediger aan het werk is. Dat is sinds 1997 niet meer gebeurd. De laatste keer dat een club twee jaar achter elkaar de finale speelde was Valencia aan het begin van deze eeuw (2000 en 2003). Valencia blijft hoe dan de Spaanse club met de meeste Europese finales in het eerste decennium van deze eeuw.