Feyenoord startte zonder de zieke Jon Dahl Tomasson, de Deen die schutter Roy Makaay het best van munitie kan voorzien. Leon Vlemmings, interim-trainer van de Rotterdamse club, koos in de ArenA voor een verdedigende speelwijze.
Bij balbezit van de thuislcub liet zelfs centrumspits Makaay zich regelmatig tot ver op de eigen speelhelft terugzakken. Feyenoord kwam voor rust nauwelijks in de problemen omdat Ajax in een veel te traag tempo acteerde. Centrumverdedigers Rob Wielaert en Oleguer speelden de bal vaker naar achteren en opzij dan vooruit. Luis Suarez en Miralem Sulejmani werden veel te weinig in stelling gebracht.
De thuisclub kon pas in de slotfase van de eerste helft even domineren. Doelman Henk Timmer reageerde toen goed op doelpogingen van Urby Emanuelson, Suarez en Thomas Vermaelen.
Van Basten wisselde in de rust de grieperige Sulejmani voor Leonardo. De Braziliaan, die na het seizoen waarschijnlijk naar Panathinaikos vertrekt, legde met zijn snelle dribbels wel de zwakte in de Rotterdamse defensie bloot.
Onder aanvoering van Leonardo ging Ajax in de tweede helft wel overtuigend op jacht naar de openingstreffer. Het was in de 52e minuut uiteindelijk Vermaelen die Ajax na een vrije trap van Bakircioglü op voorsprong schoot (1-0).
Na de bevrijdende openingstreffer kreeg de thuisploeg nog voldoende kansen op een tweede treffer. Invaller Anita, Emanuelson en Suarez raakten de paal. Suarez stifte ook nog op de lat. Feyenoord, dat helemaal geen mogelijkheden creëerde, verloor in de slotfase de moed voor een slotoffensief toen Dwight Tiendalli in de tachtigste minuut zijn tweede gele kaart van de wedstrijd incasseerde.
Emanuelson besliste pas in blessuretijd de wedstrijd.